Boek
Nederlands

De engelenpoort

Penelope Fitzgerald (auteur), Johannes Jonkers (vertaler)
+1
De engelenpoort
×
De engelenpoort De engelenpoort

De engelenpoort

Penelope Fitzgerald (auteur), Johannes Jonkers (vertaler)
In Cambridge (1912) zien een jonge universitaire docent in spé en een arme verpleegster zich voor onvermoede problemen geplaatst wanneer ze een relatie proberen op te bouwen.
Extra onderwerp
Romans psychologiques
Titel
De engelenpoort
Auteur
Penelope Fitzgerald
Vertaler
Johannes Jonkers
Taal
Nederlands
Oorspr. taal
Engels
Oorspr. titel
The gate of angels
Uitgever
Elburg: Karmijn Uitgeverij, © 2016
192 p.
ISBN
9789492168115 (paperback)

Besprekingen

Botsende deeltjes in Cambridge

Roman. In de nu pas vertaalde roman van Penelope Fitzgerald, De Engelenpoort, wankelt het wetenschappelijke wereldbeeld van een verliefde docent.

Op de eerste bladzijde van De Engelenpoort fietst Fred Fairly, junior fellow aan het departement Natuurkunde in Cambridge, langs een begraafplaats en een armenhuis. De wind gaat tekeer met barokke uithalen en fietsers zien eruit 'als zeelieden in nood'. Dat barre weer, die naargeestige locaties langs de weg: ze staan in scherp contrast met de binnenplaats van het college waar Fairly werkt en woont. Daar, zo schrijft Penelope Fitzgerald, merk je nauwelijks dat het waait. Eenmaal de poort gesloten is, lijkt de buitenwereld ver weg. Het is 1912 en vrouwen worden zelfs volledig geweerd; zolang Fairly er werkt als docent kan hij niet trouwen.

Toch zal de schijnbare orde worden verstoord, meer nog: het is al begonnen. Drie fietsers zijn onlangs aangereden door een boerenkar. Behalve Fairly was Daisy Saunders betrokken, een verpleegster zonder geld die op zoek is naar werk. Fairly en Saunders ontwaakten samen in bed. Een van de getuige…Lees verder

Een jonge wetenschapper, begin twintigste eeuw, werkt aan een ‘college’ in Cambridge en mag niet trouwen als hij zijn baan wil behouden. Op een dag ontmoet hij een jonge vrouw, een verpleegster. De schrijfster (1916-2000) was zeer bekend en gewaardeerd; zij greep graag terug naar een, voor Engeland, ‘betere’ tijd en beschrijft die tijd met volgehouden ironie en een speciale humor, waardoor haar verhaal niet altijd makkelijk te begrijpen is. Lange betogen over de waanzin van de wetenschap, persiflages van ooit beroemde academici, spottende beschrijving van sociale misstanden en hoofdpersonen en types die de gemiddelde moderne Nederlandse lezer misschien niet zullen aanspreken. De Nederlandse taal heeft bovendien moeite om al de nuances vlot weer te geven. Eigenlijk alleen voor de liefhebber – maar die leest waarschijnlijk Engels. Genomineerd voor de Man Booker Prize 1990.